Gehaakte Bloem met Vijf Witte Blaadjes en Groene Rand

Deze bloem wordt vanuit het midden naar buiten gehaakt. Eerst maak je vijf witte bloemblaadjes rond een open ring. Daarna haak je met groen langs ieder bloemblaadje, zodat de kenmerkende groene lijnen en brede puntige buitenrand ontstaan.

Het patroon hieronder is een origineel haakpatroon dat is opgebouwd naar het zichtbare model op de foto.

Materialen

  • Wit katoengaren
  • Olijf- of mosgroen katoengaren
  • Haaknaald 3 tot 3,5 mm
  • Schaar
  • Stopnaald

Afkortingen

  • l = losse
  • hv = halve vaste
  • v = vaste
  • hst = half stokje
  • st = stokje
  • dst = dubbel stokje
  • stk = steek
  • l-boog = lossenboog

Patroonnotities

  • De bloem wordt in het rond gehaakt.
  • De bloem heeft precies vijf bloemblaadjes.
  • De beginlossen tellen niet als steek.
  • Haak de steken rond de middenring, niet in afzonderlijke lossen.
  • Knip het witte garen na de witte bloemblaadjes af.
  • De groene toer wordt rond ieder wit bloemblaadje gehaakt.

Stap 1: groene middenring

Gebruik groen garen.

Haak 10 l.

Sluit met 1 hv in de eerste l om een ring te vormen.

Let erop dat de lossenketting niet gedraaid zit.

Stap 2: basis voor de bloemblaadjes

Haak rond de ring:

  • 1 v
  • 5 l

Herhaal dit nog 4 keer.

Je hebt nu:

  • 5 v
  • 5 l-bogen van 5 l

Sluit met 1 hv in de eerste v.

Knip het groene garen af.

Stap 3: eerste wit bloemblaadje

Hecht wit garen aan in een willekeurige l-boog.

Haak in dezelfde l-boog:

  • 1 v
  • 1 hst
  • 2 st
  • 5 dst
  • 2 st
  • 1 hst
  • 1 v

Haak 1 hv in de groene v tussen de l-bogen.

Het eerste bloemblaadje is klaar.

Stap 4: overige witte bloemblaadjes

Haak in iedere volgende l-boog:

  • 1 v
  • 1 hst
  • 2 st
  • 5 dst
  • 2 st
  • 1 hst
  • 1 v

Haak na ieder bloemblaadje 1 hv in de volgende groene v.

Herhaal dit tot je vijf witte bloemblaadjes hebt.

Sluit met 1 hv in de eerste witte v.

Knip het witte garen af en werk de draad weg.

Stap 5: groene lijnen tussen de bloemblaadjes

Hecht het groene garen aan in een groene v tussen twee witte bloemblaadjes.

Haak 1 l.

Werk nu langs het eerste witte bloemblaadje.

Haak:

  • 1 v in de eerste witte v
  • 1 hst in de volgende stk
  • 1 st in de volgende stk
  • 1 st in de volgende stk
  • 1 dst in elk van de volgende 2 stk

Je bent nu bij het brede bovenste gedeelte van het bloemblaadje.

Stap 6: groene punt van het bloemblaadje

Haak in de middelste witte dst:

  • 2 dst
  • 2 l
  • 1 hv in de tweede l vanaf de haaknaald
  • 2 dst

De kleine lossenpunt vormt de punt van het groene bloemblaadje.

Werk verder langs de andere zijde:

  • 1 dst in elk van de volgende 2 stk
  • 1 st in de volgende stk
  • 1 st in de volgende stk
  • 1 hst in de volgende stk
  • 1 v in de laatste witte v

Haak 1 hv in de groene v tussen de bloemblaadjes.

Stap 7: alle bloemblaadjes omranden

Herhaal de groene rand rond de overige vier witte bloemblaadjes:

  • 1 v
  • 1 hst
  • 2 st
  • 2 dst
  • 2 dst, puntje van 2 l, 2 dst in de middelste stk
  • 2 dst
  • 2 st
  • 1 hst
  • 1 v
  • 1 hv tussen de bloemblaadjes

Sluit na het vijfde bloemblaadje met 1 hv in de eerste steek.

Knip het garen nog niet af.

Stap 8: extra groene buitenrand

Voor een bredere rand zoals op de afbeelding haak je nog één toer rondom.

Haak langs het eerste bloemblaadje:

  • 1 v in iedere v en hst
  • 1 hst in ieder st
  • 1 st in iedere dst

Haak in het kleine puntje van 2 l:

  • 1 st
  • 2 l
  • 1 st

Haak langs de andere zijde terug:

  • 1 st in iedere dst
  • 1 hst in ieder st
  • 1 v in iedere hst en v

Haak 1 hv in de steek tussen de bloemblaadjes.

Herhaal dit rond alle vijf bloemblaadjes.

Sluit met 1 hv.

Knip het garen af en werk de draad weg.

Bloem in model brengen

Leg de bloem plat neer met de goede kant naar boven.

Trek de vijf punten voorzichtig naar buiten.

Duw de witte delen licht naar voren en laat de groene randen vlak liggen.

Wanneer de bloem golft:

  1. Maak het haakwerk licht vochtig.
  2. Leg het plat op een handdoek of blockingmat.
  3. Speld alle vijf bloemblaadjes gelijkmatig vast.
  4. Laat de bloem volledig drogen.

Belangrijke correctie voor hetzelfde uiterlijk

Voor het model op de foto moet het midden open blijven. Naai daarom geen rond bloemhart over de opening.

De groene lijnen ontstaan doordat de groene rand helemaal van de middenring langs beide zijden van ieder wit bloemblaadje loopt. Haak dus niet alleen een groene toer langs de buitenrand.

Tips en variaties

Gebruik stevig katoen voor scherpe bloemblaadjes en duidelijke steken.

Wanneer het witte gedeelte te klein is, haak je 6 of 7 dst in het midden van ieder bloemblaadje.

Wanneer de bloem te veel golft, gebruik je een kleinere haaknaald voor de groene buitenrand.

Voor een grotere bloem kun je dikker garen gebruiken zonder het aantal steken te veranderen.

Mooie kleurcombinaties zijn wit met olijfgroen, crème met donkergroen, geel met bruin of roze met bordeauxrood.

Veelgestelde vragen

Waarom zijn mijn bloemblaadjes niet breed genoeg?

Plaats meer hoge steken in iedere l-boog. Vervang de 5 dst door 7 dst voor een breder wit gedeelte.

Waarom trekt de groene rand samen?

De groene steken worden waarschijnlijk te strak gehaakt. Gebruik voor de groene rand eventueel een haaknaald die 0,5 mm groter is.

Waarom is mijn midden kleiner dan op de foto?

Maak de beginring met 12 l in plaats van 10 l. De opening wordt dan iets breder.

Conclusie

Met dit haakpatroon maak je een vijfbladige bloem met een open midden, witte binnenblaadjes en een opvallende groene omlijsting. Het motief is geschikt voor tassen, dekens, slingers, kussens en andere haakprojecten. Bewaar het patroon en haak de bloem in verschillende kleuren voor een complete verzameling bloemmotieven.